Uit de Uilen Nieuwsbrief Jaargang 3 nummer 1 (2007)
In Oostelijk Flevoland worden de kerkuilenkasten ieder jaar gecontroleerd door Hans Docter en Lykele Zwanenburg. Het gebied is in twee rayons verdeeld. Bij deze controles komen soms merkwaardige feiten aan het licht. Zo ook in het afgelopen broedseizoen, toen we bij akkerbouwer Nico Stuyt de kerkuilenkast kwamen controleren. De kast is op de zoldering van een open veldschuur geplaatst. Bij de kast aangekomen en de hand door het vlieggat gestoken, merkte ik dat er iets anders in de kast aanwezig was dan kerkuilen. Het voelde wollig en harig aan, en mijn eerste gedachte gingen uit naar een boom of steenmarter. Voor de zekerheid heb ik de hand teruggetrokken, want je weet het nooit. Daarna heb ik de deksel voorzichtig omhoog gedaan en zie daar twee jonge poesjes geboren in de kast. De beestjes waren zo'n vier weken oud. Ik heb al zo'n dertig jaar kasten gecontroleerd, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt.
Soms broeden kerkuilen nog laat in de herfst. Bij de familie Langebeeke is het schijnbaar een goed muizenbiotoop. In juni werd het eerste broedgeval met drie jongen waargenomen. In november belde de heer Langebeeke mij op met de mededeling dat hij het blazen en sissen van kerkuilen had gehoord. En jawel op 16 november zaten er twee goed doorvoede jongen in de kast. In de kast lagen nog vele muizen die als voorraad dienden. Bij de Langebeeke is in 2004 een kast geplaatst. Direct in het eerste jaar waren er twee broedgevallen en het jaar daarop één broedgeval. Dus in 3 jaar tijd zijn er 5 broedgevallen waargenomen. In totaal zijn dit 21 jongen met een gemiddelde van 4.2 jongen over de gehele periode. De familie Langebeeke heeft in 2006 een oorkonde ontvangen van de Kerkuilenwerkgroep Oostelijk Flevoland. Het is en blijft altijd weer een verrassing wanneer je een kast bezoekt en wat je er in tegenkomt!
Namens de Kerkuilenwerkgroep Oostelijk Flevoland, Lykele Zwanenburg.
Kerkuilen website Flevoland
De Kerkuilenwerkgroep Oostelijk Flevoland is al jaren actief in deze regio. Om mensen toch wat meer te informeren over de werkzaamheden van de vrijwilligers is een website gemaakt. Op de website staat ook meer informatie over de achtergrond van het ontstaan van Flevoland. Een stukje historie geeft inzicht in de eerste aanzet tot bescherming van deze bijzondere vogelsoort die je in het open polderlandschap niet zo zou verwachten. Dankzij de inzet en de gastvrijheid van de agrarische ondernemers kunnen de Kerkuilen toch tot broeden komen. Jaarlijks controleert de werkgroep een aantal kasten en wanneer mogelijk worden de uilen geringd. De werkgroep wordt al jaren gesteund door Kees Breek die met liefde en aandacht de Kerkuilen opmeet en een ring om de poot doet. Soms zijn de omstandigheden niet altijd gunstig om te ringen. Dan worden alleen de aantallen genoteerd. Op de site staat een kaartje van de locaties waar de Kerkuil heeft gebroed. Opvallend hierin is dat het accent vooral ligt in de regio's met meer landschappelijke beplanting. De akkers met weinig begroeiing langs het Ketelmeer zijn minder in trek. De werkgroep hoopt dat geïnteresseerden met veel plezier de site zullen lezen. Volg de link naar http://home.quicknet.nl/qn/prive/fam.zwanenburg.
Marlies Zwanenburg.
Sommige kerkuilenkasten zijn aan de gevel van de open kapschuur opgehangen, met het vlieggat naar "binnen". Dan kan de kerkuil vrij de schuur invliegen en de kast in. Op zo'n locatie in zuid Flevoland vonden wij op een snikhete julidag een nog niet vliegvlug kerkuiljong zittend bovenop op de kast. Hij was de hitte in de kast ontvlucht en op de kast gaan zitten. Door slim gebruik te maken van het aanvliegplankje is hij op de kast beland, waar het minder heet was. In de kast zaten nog drie levende jongen en één dood jong. Gek genoeg gezien het aantal dode muizen die in de kast lagen. Vijf veldmuizen en twee bosspitsmuizen. Misschien is dat jong niet door de honger, maar door de hitte overleden.
Het kerkuilenjong keek een beetje angstig naar ons, maar bleef stil zitten
Zo veel muizen, als voorraad, was wel bijzonder gezien het slechte muizenjaar.
Deze locatie ligt aan de rand van een mooi, ruig natuurgebied waar kennelijk meer prooien voor de kerkuil te vangen waren. Toen wij 7 weken later de kast opnieuw controleerden waren alle vier jongen uitgevlogen. Gelukkig maar!
Allan Liosi

| Regio coordinator |