Uit de Uilen Nieuwsbrief Jaargang 1 nummer 1 (2005)
Voor de Werkgroep van de Kerkuilen afdeling Kollum was het jaar 2004 een extreem jaar. Nog nooit eerder zijn er zoveel broedgevallen geweest en heeft men zoveel jongen geringd. Leek het in 2003 al bijzonder goed te gaan, in 2004 werden alle records gebroken zodat men haast kan spreken van een kerkuilenexplosie.
Koos Huizenga en zijn medewerkers zijn ontelbare malen op pad geweest om de kasten te controleren en daarna de jongen te ringen. Voor hun was het een bijzonder lang seizoen, want de eerste jongen werden al geringd op 6 mei bij Kloppenburg in Burum. Het oudste van de twee jongen bleek al negen weken oud te zijn zodat we kunnen spreken van een voortvarende start. Het tweede broedsel op dit adres leverde een totaal van acht geringde jongen op waarbij de eerdere controle twee jongen en 10 eieren werden gevonden. Volgens Koos Huizenga, coördinator in dit rayon, leek het wel een eendennest. Nader onderzoek wees uit dat er waarschijnlijk drie kerkuilen aanwezig zijn geweest omdat de bewoners steeds twee uilen hebben waargenomen, wat er op duidt dat er een vrouwelijke en twee mannelijke uilen aanwezig waren mede omdat er tijdens de ringsessie een ruime hoeveelheid muizen in de kast lagen.
In totaal werden er tijdens het broedseizoen drie keer acht jongen geringd en op vier adressen was het aantal zeven geringde jongen, een formidabel aantal jongen op 7 adressen van de totale oogst van 41 broedplaatsen.
Op 8 november werden de laatste jongen geringd.
Al met al heeft dit broedseizoen dus bijna zeven maanden geduurd en de enigste reden waarom het zo lang duurde lag in het feit dat de aantal muizen dit jaar extreem hoog lag. Een topjaar voor de muizen betekent bijna altijd een topjaar voor de kerkuil, maar dat het zo voortvarend zou gaan had zelfs de mentor en kerkuilenexpert Johan de Jong nooit verwacht.
Het zal dan ook niemand verbazen dat men hier en daar een broedgeval heeft gemist en dat er soms geen jongen konden worden geringd omdat ze op onbereikbare plaatsen zaten, vooral de tweede broedgevallen van een kerkuilenpaar vond men niet in de kast, maar soms op een onbereikbare plaats in de schuur.
Alleen het feit dat er in dit rayon 21 tweede broedgevallen waren, komt normaal in heel Fryslân niet voor, bewijst al dat het een goed jaar is geweest. Ook uniek was een kerkuilenpaar dat voor de derde keer in een seizoen jongen groot bracht. Folkert van der Veen in Burum had deze primeur.
In totaal waren er dus 41 broedgevallen waaronder 5 nieuwe plaatsen. Er werden 267 jongen geringd, 45 zijn niet geringd omdat men ze niet kon bereiken.
Totaal zijn er 312 jongen uitgevlogen. Het gemiddelde per nest is dus 5 jongen tegenover 2003 3,4.
Velen denken nu dat het met de kerkuil wel snor zit en dat het beschermingswerk wel kan stoppen, niets is minder waar, want 80% van de 312 jongen haalt de leeftijd van 1 jaar niet. Velen komen om als verkeersslachtoffer of in prikkeldraad en met een beetje strenge winter vallen er nog meer slachtoffers, dus blijft het zaak om de populatie in de gaten te houden.
De Kerkuilenwerkgroep Kollum ziet terug op een uitstekend jaar en is tevreden over de resultaten, al moest men er menig uurtje voor opofferen, of zoals coördinator Huizenga opmerkte: "Dit is een uniek jaar waar we nog jaren over spreken en misschien nooit meer meemaken. Later als we in een bejaardenhuis of aanleunwoning zitten spreken we nog over het jaar 2004, dat was ons topjaar ´weet je het nog?´ Dit neemt niemand ons meer af."
Ook de jeugd was in 2004 weer rijk vertegenwoordigd tijdens het ringen. De Werkgroep nodigt telkens een schoolklas uit van verschillende scholen om tijdens het ringen enkele adressen mee te gaan om de jeugd kennis te laten maken met kerkuilen. Vele boeren zijn daar al op voorbereid en bouwen soms complete tribunes van stro- of hooipakken om het allemaal overzichtelijk te houden, en de entree is gratis.
Een uniek adres is bij boer in ruste Prins in Bornwerdhuizen die zijn vrije tijd nuttig besteedt door het maken van allerlei houtsculpturen. Zo siert een meters grote houten kerkuil zijn oprit naar de boerderij. In 2004 had hij weer een nieuwe aanwinst. Boven in de schuur hing nu ook een prachtige kerluil van twee à drie meter breed met scharnierende vleugels en middels een touwtje beneden bewoog dit machtige gevaarte zijn vleugels.
Jan Hoving
| Regio coordinator | A. van der Wal | 0512 - 516 309 |